Jan – werkverslaafd

28 juli 2012

Jan is 42 en werkverslaafd. Als Jan niet werkt, dan slaapt hij – dat moet wel want hij heeft twee voltijdse jobs en werkt alles samen zo’n 20 uur per dag. Onlangs is Jan ingestort: gewoon plots en opeens in elkaar gestuikt. In paniek naar de dokter. Deze heeft hem op non-actief gezet en hem aangeraden psychotherapeutische hulp te zoeken om van zijn werkverslaving af te raken.

Jan weet niet waarom werken zo belangrijk voor hem is. Hij is gewoon op zijn 14de begonnen met werken en sindsdien niet meer gestopt. Net zoals zijn vader – ook hij was altijd aan het werk, van ’s morgens vroeg tot s’ avonds laat. En ook hij is doorgegaan tot zijn lichaam niet meer mee kon: drie hartinfarcten op rij waren nodig om hem te doen thuisblijven. Wat maakt dat Jan en zijn vader werken zo belangrijk vinden, zo belangrijk dat ze al het andere – vrouw, kinderen, de eigen gezondheid – zo gemakkelijk en zonder er bij stil te staan aan de kant kunnen schuiven? Wat zit er onder dat ‘automatisme’?

Omdat Jans verhaal zo op dat van zijn vader lijkt, vraag ik hem om me meer te vertellen over diens leven. Jans vader heeft al heel vroeg zijn beide ouders verloren: zijn moeder is gestorven in het kraambed en zijn vader is amper 2 jaar later in de oorlog gesneuveld. Jans vader is als kleine jongen in een adoptiegezin terechtgekomen. Zijn adoptie-ouders moesten hard werken om rond te komen, en Jans vader ging – als enige jongen van het gezin – vaak mee werken met zijn adoptiepapa. “Mijn vader heeft vaak verteld hoezeer hij van zijn adoptiepapa hield, en hoe fijn hij het vond om voor en met hem te mogen werken – het maakte hem fier, het gaf hem het gevoel écht zijn zoon te zijn, erbij te horen, zijn nieuwe familie te ‘verdienen’.”

Voor Jans vader gaan hard werken en erbij horen hand in hand. Je moeder verliezen in het kraambed en je vader kort erna – dat is een zware last voor een kleine kinderziel. Vaak houden kinderen daar schuldgevoelens aan over, hebben ze moeite om het leven ten volle te nemen: immers,  zonder hen zou moeder niet gestorven zijn, en wie weet hoe veel beter het vader dan zou zijn vergaan… Je inzetten, je best doen voor je nieuwe familie, dankbaar zijn, mogen verder leven – bij Jans vader vertaalde zich dat in ‘werken’. Werken gaf hem recht op leven, recht op bestaan. En Jan heeft deze diepgewortelde overtuiging van zijn vader met de paplepel overgenomen, geërfd. Hij heeft gevoeld dat deze overtuiging voor zijn vader van cruciaal belang was, dat daar, in deze overtuiging, de levenskracht van zijn vader – en dus ook van hemzelf – verscholen lag.

Zo gaan de dingen, zo geven we de dingen door, van vader op zoon, van generatie op generatie. Pas als we ons bewust worden van wat er op een dieper niveau speelt, van wat er op het niveau van de ziel bepalend is voor bijvoorbeeld een ‘werkverslaving’, pas dan kunnen we loslaten wat ons door onze geschiedenis werd meegegeven, en beginnen met zoeken naar een eigen invulling van onze levenskracht.

* Voor wie zich wil verdiepen in intergenerationele trauma’s drie boeken in drie talen: 1) ‘Vliegen met sterke vleugels’ van Bertold Ulsamer, en 2) ‘Psychogénéalogie’ van Doris en Lise Langlois, twee goede en leesbare introducties, en 3) ‘Familienwelten’ van Oliver Königeen stevige doorbijter in het Duits . 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

PLANKGAS

Geen rem op je stem

Illustration

Blog van psychotherapeute Ybe Casteleyn

Pain Is Really Strange

This short research-based graphic book reveals just how strange pain is and explains how understanding it is often the key to relieving its effects.

L'arbre qui pousse

Etre parent est un art qui se cultive !